Een terugblik, een slotwoord

Ik had mij voorgenomen om nog vóór mijn terugkeer naar Nederland een stuk te schrijven over mijn doen en laten tijdens de laatste drie-en-halve weken bij Seametrey (weer aan het werk), maar helaas was ik de laatste dagen in Phnom Penh geveld door één of ander tropische ziekte (hoesten en verkouden, last van mijn maag en buikloop). Hierdoor werden niet alleen al mijn plannen voor mijn laatste weekend en werkdagen (nog één keer ’s nachts Phnom Penh op stelten zetten met mijn collega’s, nog één keer voetballen, nog één keer dit, voor een laatste keer dat…) gedwarsboomd, het reduceerde tevens mijn appetijt om wat te schijven tot een nulpunt. Dat ik bleef kwakkelen na terugkeer (ik ben nog steeds hondsverkouden :S), dat het me deze keer meer moeite dan gewoon kostte om de knop om te zetten en weer in te stappen in mijn alledaagse leven hier in Nederland heeft de stroomsnelheid van de creative juices, en daarmee het schrijfproces ook geen goed gedaan. Maar goed, ik wil mijn blog – in tegenstelling tot de vorige keer – nu wel graag fatsoenlijk afsluiten. En dan is dat maar met een paar weken vertraging…

Maar anywho, flash-backward nu naar Cambodja, drie-en-halve week voor vertrek: bij het aanbreken van de kerstvakantie had ik het gevoel dat ik nog meer dan genoeg tijd over had om mijn ding hier in Cambodja te doen. Maar vanaf dat moment leek het wel alsof de tijd ineens in een hogere versnelling hoger was geschakeld. De vakantie flitste voor mijn gevoel in een vloek en een zucht voorbij, en toen de lessen eenmaal weer begonnen besefte ik ineens dat ik nog maar een paar weken te gaan had. Tot dat moment had ik nauwelijks op de tijd gelet, dus dat was wel even slikken!

In 3,5 week kun je echter nog een hoop doen, en gesterkt door mijn goedgevulde lesrooster dook ik vol goede moed op mijn werkzaamheden. Maar zoals zo vaak wil in Cambodja de praktijk nog wel eens weerbarstiger zijn dan de theorie, en bleef er van mijn – op papier – veelbelovende rooster uiteindelijk niet heel veel over.
Zo kwam ik er al snel achter dat één van mijn vakken (geschiedenis met Jaar 6) ‘dubbelgeboekt’ te zijn: op hetzelfde moment waren de kinderen in kwestie ook ingeroosterd voor een andere les, welke bij navraag voorrang kreeg onwille van continuïteit. En zo waren de twee uur verdwenen.
Tot zover nog geen man over boord, maar ik had even niet ingecalculeerd dat de oudere kinderen (Jaar 6 en 7) elke schooldag een halve dagdeel naar een secundaire (Khmer) school moeten, waardoor ze de ene maand ’s ochtends, de andere maand ’s middags afwezig zijn. In januari ontbraken de kids na de lunch, het dagdeel waarin ik de meeste lessen met ze zou hebben. Dast betekende onder andere het einde van geschiedenis met Jaar 6 en computerlessen met Jaar 6 en de Jeugdgroep (waarover later meer). Poef, weer 6 uur verdwenen als sneeuw voor de zon.
Daar bleef echter het niet bij: ter voorbereiding op examens moesten de kinderen van Jaar 7 niet ’s middags, maar al aan het eind van de ochtend naar de Khmer school, voor individuele sessies. Met uitzondering van maandag ontbraken daarom elke dag een paar leerlingen (soms één, soms wel drie of vier) tijdens mijn dagelijkse Science en Social Studies lessen – welke ik inmiddels had gereserveerd voor geschiedenis. Omdat ik de groep maar één dag per week compleet had zou ik er nooit in slagen door al mijn lesstof  heen te geraken (ik had een reeks geschiedenenislessen voorbereid voor 8 à 10 weken), want de meeste lessen zouden twee of drie keer herhaald moeten worden om iedereen hetzelfde te vertellen/leren. Niet te doen helaas, dus maar overgestapt op Plan B (educatieve spelletjes).
Als kers op de taart konden de 10 uur per week zwemles waarvoor ik stond ingeroosterd geen doorgang krijgen. Deze keer moet ik  echter met een beschuldigende vinger naar mijzelf wijzen, want het was volledig eigen schuld (al was het een ongeluk). Nadat ik op één van de eerste dagen van de kerstvakantie de kinderen mee had genomen voor voetbal, mochten ze van mij na afloop stoom afblazen in het zwembad van het guesthouse. En terwijl ik de kids er voortdurende aan herinnerde niet te rennen en voorzichtig te zijn in en rond het zwembad (een ongeluk zit immers in een klein hoekje), gleed ik zelf uit toen ik net iets te snel het zwembad uit wilde klauteren. Ironisch, nietwaar? Het gevolg was een in eerste instantie vrij onschuldig uitziende wond, welke weliswaar flink pijn deed (het was een flinke klap), maar er toch vrij onschuldig uitzag (geen bloed of blootgelegd bot). De dag erop was de hele plek helemaal rood, maar kort daarna groeide er al snel een korstje overheen. Ik dacht nog dat daarmee de de kous wel af zou zijn, maar toen ik begon te peuteren (ik wete het, niet doen, maar ik kon het niet laten…) merkte ik tot mijn schrik dat er een fraai gat in mijn been onder verborgen zat. Geen idee hoe dat daar kwam – het leek immers oppervlakkig. Achteraf mag ik echter van geluk spreken dat de boel niet geïnfecteerd is geraakt, maar ook zonder dat duurde het het vele weken totdat de wond netjes dichtgegroeid was. Zwemmen was helaas uit den boze zolang de wond nog niet genezen was, en zodoende kon door alle zwemlessen een vette streep getrokken worden.

Door al dit onfortuin bleef er onder de streep van een veelbelovend rooster uiteindelijk maar vijf uur per week vaste les over (aardrijkskunde met Jaar 5 en 6), aangevuld met vijf uur per week mijn Jaar 7-groep in wisselende bezetting. Heel veel zinnigs valt er derhalve ook niet te vertellen over mijn dagelijkse routine voor de klas. Gelukkig had ik altijd nog mijn Pancake Corner en de voetbal-uurtjes, maar het hield niet over.  Om het gebrek aan lesuren dan maar te compenseren heb ik af en toe lessen overgenomen van zieke collega’s (wat ook wel nodig was, want de vrijwilligers sneuvelden in die laatste paar weken bij bosjes door ziekte!) en waar nodig een helpende hand gegeven aan collega’s die wat ondersteuning konden gebruiken. En uiteraard mag het organiseren van een heuze Pancake Party niet onvermeld blijven!

Ter ere van het nieuwe jaar en de komst van een hele rits nieuwe vrijwilligers was mij gevraagd om op de eerste schooldag van het nieuwe jaar een pancake party te organiseren. Geheel volgens lokale traditie kreeg ik dat precies één dag vantevoren te horen. De bedoeling was dat voor iedereen een pannekoek gebakken zou worden: niet alleen voor de honderd leerlingen, maar meteen ook maar voor de gehele staf, alle vrijwilligers en een paar lokale sponsors die speciaal voor de gelegenheid even langs zouden komen. Het feestje moest aan het einde van de middag plaatsvinden, als het even kon in een tijdsbestek van nog geen anderhalf uur (want anders zou het wel erg laat worden voor de jongsten). En omdat zo’n blij samenzijn leuke foto’s voor de website oplevert, zeker met pannekoeken bakkende kids (nog een last-minute idee), moest alles ter plekke bereid worden en was het ook wel leuk als het schoolplein nog even feestelijk zou worden aangekleed. Eat your heart out, Teacher Jonas! 😀
Om alles in goede banen te leiden was, voor de uitzondering, mijn uitgekleede lesrooster een positief iets. Want er moesten boodschappen worden gedaan, véél boodschappen: 10 liter melk, 5 kilo bloem, een hele lading eieren en bakboter, en uiteraard ook toppings: 75 limoenen (samen met palmsuiker), zo’n 150 bananen (om te combineren met chocoladesaus), 50 appels (met kaneel en suiker). En uiteraard bananenbladeren, die gebruikt zouden worden als bord. Al dat lekkers prop je niet zo maar even allemaal in je rugzak, maar gelukkig kon ik een Cambodjaanse collega charteren om per motorfiets de inkopen te doen. Wonder boven wonder hebben we alles in één sessie weten te kopen en naar de school te transporteren: ik heb me denk ik nooit zo goed geïntegreerd gevoeld als toen we door de drukke avondspits naar huis zigzagden, achterop de motorfiets, verstopt tussen de bananen en boodschappentassen.

De aankondiging

De aankondiging

De 'keuken' (normaal de handvaardigheid-hoek van de Nursery)

De ‘keuken’ (normaal de handvaardigheid-hoek van de Nursery)

Crowd control: eerst allemaal in een kring zitten

Crowd control: eerst allemaal in een kring zitten

Vol verwachting klopt het hart

Vol verwachting klopt het hart

Oooh, pannekoeken!!!

Oooh, pannekoeken!!!

Reuze-interessant, natuurlijk

Reuze-interessant, natuurlijk

Geen gegein in de keuken, jongens!

Geen gegein in de keuken, jongens!

.

.

.

.

De favoriet: banaan met chocoladesaus

De favoriet: banaan met chocoladesaus

Smullen!

Smullen!

Verse limoensap voor iedereen

Verse limoensap voor iedereen

Op ‘P-Day’ zelf kreeg ik gelukkig hulp van een paar mede-vrijwilligers bij het maken van de vele liters beslag, het schillen, snijden en persen van al het fruit, in vorm knippen van de bananenbladeren, en het optooien van het schoolplein en inrichten van het keukentje. En toen kon het bakken beginnen: eerst voor de jongste kinderen, en later, bijgestaan door de oudere leerlingen (voor de foto’s), voor de rest. Drie gaspitjes, drie pannen, en in totaal een kleine 200 pannekoeken: ik zweette me een breuk boven de hete gaspit, zat onder de vet- en beslagsputters en kon na afloop geen pannekoek meer zien! Maar uiteindelijk deed dat er allemaal niet toe, want het was een erg geslaagde happening: alles verliep op rolletjes, de sfeer was opperbest en het belangrijkst van alles, de kids waren bijzonder in hun nopjes met hun zoete snack. Jammer genoeg had ik zelf geen tijd om foto’s te maken, maar gelukkig heb ik een aantal prachtige prenten van een medevrijwilliger mogen ‘lenen’, zodat ik toch het een en ander met jullie kan delen.

Het laatste waar ik me ter compensatie van het gebrek aan lesuren (op verzoek) tegenaan heb bemoeid was het uitdenken van organisatorische verbeteringen. Op zich heeft Seametrey de zaken heel behoorlijk op orde, maar dat betekent niet dat er geen ruimte meer is voor verbeteringen. Samen met een ouder Engels stel met 30 jaar vakervaring over de gehele wereld, dat speciaal was uitgenodigd om de dagelijkse gang van zaken kritisch tegen het licht te houden, hebben we gekeken naar wat er allemaal anders en vooral beter kon. Vanwege de opzet van Seametrey is het altijd een komen en gaan van vrijwilligers. Dat is altijd zo geweest en zal ook altijd zo blijven. En dat is an sich ook niet het probleem. Verbeterpunten zijn vooral te vinden in het feit dat sommige vrijwilligers één of twee maanden blijven en anderen zes maanden of zelfs een heel jaar, en dat iedereen met andere verwachtingen komt. Dit maakt het opzetten van een planning vrij problematisch, want uiteraard wil de school wil zo veel mogelijk met de wensen van iedereen rekening houden. Belangrijker nog is het waarborgen van eenheid en continuïteit in het lesprogramma over de langere termijn. De hamvraag was derhalve hoe je er voor kunt zorgen dat vakken niet te gefragmenteerd raken, en dat bepaalde onderwerpen niet keer op keer op het programma staan terwijl andere, wellicht belangrijkere onderwerpen helemaal niet aan bod komen?
Middels een aantal brainstormsessies hebben we daarom de nodige aanbevelingen op papier gezet voor directrice Muoy You, met name met betrekking tot een fatsoenlijke overdracht van lessen en een minder gefragmenteerd onderwijsprogramma. Om deze aanbevelingen te faciliteren heb ik een Skydrive-account opgezet voor de vrijwilligers, een cloud-omgeving (dus online) zoals Dropbox of Google Drive – maar dan van Microsoft – waar ze documenten en informatie kunnen opslaan, bewerken en met elkaar kunnen delen. Ideaal voor zaken als roosters, lesmateriaal, overdrachtsdocumenten, bladmuziek, foto’s, en ga zo maar door. Verder bevat het een e-mailaccount, een adresboek en een kalender. Met het oog op de langere termijn heb ik één van de lokale medewerkers een cursus gegeven, zodat hij als beheerder de boel kan managen en optimaal kan inzetten (alle vrijwilligers in het adresboek, feestdagen, vakanties en andere speciale dagen in de kalender). Daarnaast heb ik ook een handleiding geschreven voor vrijwilligers die gebruik van het systeem willen maken. Mijn IT-bloed kruipt blijkbaar toch daar waar het niet kan gaan 😀  Nu maar hopen dat het geheel niet in no-time sneuvelt in goede bedoelingen.

Al met al heb me dus verre van verveeld of nutteloos gevoeld tijdens mijn laatste weken bij Seametrey. Toch kan ik achteraf gezien een licht gevoel van teleurstelling niet helemaal onderdrukken. Eén van mijn voornemens was immers om de oudere klassen kennis te laten maken met de geschiedenis van hun eigen land, iets waar ik enorm naar uitkeek en ook de nodige voorbereidingen voor gedaan. En mocht dat niet lukken op zijn minst om veel tijd voor de klas te verbrengen. In plaats daarvan heb ik me dus noodgedwongen meer met een toneelstuk, voetballen, pannekoeken en organisatorische aangelegenheden bezig moeten (mogen) houden: allemaal heel erg leuk en leerzaam, alleen niet datgene dat ik voor ogen had. En ondanks dat ik in een eerdere entry heel dapper had geclaimd alles maar te nemen zoals het zou komen – zaken lopen hier immers toch nooit precies zoals gepland – is dat wel jammer, en voelt het wel een beetje als een domper op de feestvreugde. Weliswaar een hele kleine domper op een verder even fantastische als memorabele ervaring, maar een domper desalniettemin.

Aangezien deze entry toch al enigszins van hak op de tak springt kan ik net zo goed ter afsluiting nog even het een en ander vertellen over wat er de afgelopen twee jaar zoal is veranderd in de Seametrey Children’s Village. Want ondanks dat mijn terugkeer een feest der herkenning was, en ondanks dat ik me heb beziggehouden met het opzetten van een verbeterplan, heeft de school in de afgelopen twee jaar flinke stappen gezet wat betreft efficiency, leermethoden en individuele ontwikkeling. Zo is het vakkenpakket aanzienlijk uitgebreid, en worden nu ook Chinees (niet alleen is een substantieel deel van de Cambodjaanse bevolking van gemengd Chinees-Cambodjaanse afkomst, China is ook de belangrijkste handelspartner en grootste buitenlandse investeerder in het land), poëzie, filosofie, aardrijkskunde en actualiteiten aangeboden. Verder is ook is de aanpak deels veranderd. Nog steeds zitten alle kinderen in een vaste jaargang en worden de meeste lessen aan de gehele groep gegeven, maar het verschil in niveau is soms zo groot dat de zowel ‘achterblijvers’ als de hoogvliegers individueel of in tweetallen meer intensieve sessies volgen. Dit óf om de achterstand proberen weg te werken, of als extra voorbereiding op het voortgezet onderwijs of zelfs een beurs om in het buitenland te studeren (omwille van dat laatste moet een aantal leerlingen dit jaar de TOEFL-test doen). Veel van de net genoemde nieuwe vakken zijn met name voor deze laatste groep in het leven geroepen.

Een ander verschil met twee jaar geleden is de samenstelling van het leerlingenbestand. Nieuw is dat er thans vrij veel kinderen naar Seametrey gaan die eigenlijk al veel te oud zijn voor een basisschool. Deze kinderen hebben een leerachterstand, in de meeste gevallen omdat de ouders te arm waren om hun kinderen naar school te sturen, of omdat de kinderen zelf moesten werken om een extra aanvulling op het karige gezinsinkomen te verdienen. Door interventie van Seametrey zijn de ouders echter overtuigd dat het een veel betere optie is om de kinderen naar school te laten gaan, niet alleen voor de kids zelf, maar op termijn ook voor de gehele familie. En dankzij het inkomensafhankelijke schoolgeld – ouders betalen aan Seametrey dat wat ze zich kunnen veroorloven – hoeven de financiën ook geen obstakel te vormen.

Een aparte groep binnen deze nieuwkomers is de Jeugdgroep, een groep jongens en meiden van 18 tot 23 jaar met een ondanks hun jonge leeftijd al tragisch levensverhaal, gelukkig wel met een happy end. De groep is min of meer gered uit een schimmig weeshuis in de buurt van Stung Meanchey, de roemruchte vuilnisstortplaats aan de rand van Phnom Penh waar honderden gezinnen, kinderen inclusief, onder even erbarmelijke als gevaarlijke omstandigheden hun dag vullen bij met het bijeenscharrelen van recyclebare grondstoffen als plastic, metaal en glas (meer informatie :: fotoreportage). Veel ouders van deze gezinnen, maar ook van gezinnen elders in het land die te arm zijn om hun kinderen te onderhouden, plaatsen hun kinderen in een weeshuis, in de hoop dat zich uiteindelijk een kans voordoet op een betere toekomst. Deze weeshuizen zijn echter niet zelden broeinesten van corruptie – geld van buitenlandse donoren ‘verdwijnt’ vaak spoorloos in plaats van te worden geïnvesteerd in het weeshuis of onderwijs – of zelfs criminele activiteiten. Dat kinderen gedwongen in de mensenhandel, slavernij (kinderarbeid) of zelfs prostitutie terechtkomen is helaas geen zeldzaamheid. Omdat deze foute weeshuizen opereren buiten het zicht van de autoriteiten en niet zelden zelfs een hand boven het hoofd wordt gehouden door corrupte officials (zakenlui, politici, politie) die een deel van de opbrengsten opstrijken, is dit een levensgroot probleem, niet alleen in Phnom Penh, maar overal in Cambodja.
Het duurde even voordat ik zelf doorhad dat de Jeugdgroep een verhaal had, omdat ik in eerste instantie niet eens doorhad dat ze naar Seametrey op school gingen. Wat ik te weten ben gekomen is dat  ze na een tip – volgens mij van een vrijwilliger die Stung Meanchey had bezocht – door Muoy uit het weeshuis zijn weggehaald. Dat is absoluut niet zonder slag of stoot gegaan, want de eigenaar van het weeshuis dreigde met geweld en kidnapping de kinderen terug te halen. Inmiddels is, na inschakeling van de politie, de situatie gelukkig gedeescaleerd, en nu wonen de groep veilig in een klein appartementje dat door Seametrey wordt gehuurd, op een paar honderd meter van de school. Eén dagdeel komen ze naar the Children’s Village om hun – uiteraard op hun niveau en leeftijd aangepaste – lesprogramma te volgen, en het andere dagdeel gaan ze naar een Khmer school (net als Jaar 6 en 7). En dat gaat ze goed af: ze zijn leergierig en hebben zichtbaar veel plezier in school, levenslustig en vol dromen voor de toekomst. Wat ze allemaal in hun jeugd hebben moeten doorstaan (of ze op de vuilnisstort hebben moeten werken, misbruikt zijn) weet ik niet – de tijd die ik had vond ik te kort om naar zulke persoonlijke zaken te vragen – maar het staat buiten kijf dat ze een moeilijke jeugd hebben gehad. Niet dat ik de bagage heb om daar gefundeerde uitspraken over te doen, maar ik kreeg niet de indruk met beschadigde individuen te maken, en op mij maakten ze een hele normale indruk.

En hiermee eindigt de laatste geschreven entry van ‘Project Seametrey 2012-13’. Twee fantastische, onvergetelijke maanden heb ik gewoond, gewerkt en geleefd in Phnom Penh, de opwindende hoofdstad van dat even bizarre en moeilijk te doorgronden als fascinerende en hartverwarmende stukje land met de naam Cambodja. Een land dat nog steeds met één voet diep in de gevolgen van haar tragische verleden geworteld staat, maar tegelijkertijd ook haar uiterste best doen om met de andere voet een ferme stap vooruit te zetten. Waar die oncomfortabele spagaat uiteindelijk toe zal leiden is op dit moment onmogelijk te voorspellen: het land heeft op papier alles wat het nodig heeft om in de voetstappen treden van snel ontwikkelende buurlanden als Thailand of Vietnam, maar of deze belofte ook daadwerkelijk vervuld kan worden blijft namelijk de vraag. Want de interesses zijn verschillend: enerzijds is er de politieke, militaire en economische elite, voor wie de bevolking arm en ongeschoold houden een probaat middel is om de voor hen zo lucratieve status quo te handhaven (mensen hebben immers geen tijd om kritische vragen te stellen, gelijke rechten en kansen te eisen of verandering na te streven wanneer leven in feite overleven is, en een goede opleiding een niet te permitteren luxe). Diametraal daar tegenover staat de gewone bevolking die er juist bij gebaat is dat het land zich ontworsteld aan de wurggreep van corruptie, vriendjespolitiek en wanbeleid, zodat iedereen een graantje kan meepikken van de economische potentie die het land alleszins heeft. Eén van de sleutels daartoe is goed onderwijs, en alhoewel slechts een minuscule druppel op een gigantische gloeiende plaat, hoop ik op mijn eigen manier een bescheiden steentje te kunnen hebben bijdragen aan een betere toekomst voor een land dat meer dan verdient.

Voor de liefhebbers volgt overigens nog een laatste ronde met foto’s, geschoten tijdens de laatste weken.

Advertenties

Een Reactie op “Een terugblik, een slotwoord

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s